
Nieuwe werkkostenregeling vanaf 2011. Tijdig inspelen is noodzaak!
Kartelboeten niet aftrekbaar
Ruimere voorwaarden omscholingsbonus voor overnemen personeel
Toezegging voor soepelere toepassing van urencriterium voor 2009 en 2010
Ook vergoeding heffingrente bij ambsthalve vermindering voorlopige aanslag
Werkgever betaalt rekening IB-aangifte? Loonvoordeel bij de werknemer
Geen btw aftrek bij contacte betaling benzinebon
Doe oude administratie weg
19 - 24 april: Week van het testament
Blömer bij het Regionaal Alternatief: De regionale accountant ook voor NON-PROFIT organisaties
home
NIEUWE WERKKOSTENREGELING VANAF 2011. TIJDIG INSPELEN IS NOODZAAK!
Het systeem van door werkgevers te betalen belastingvrije vergoedingen en verstrekkingen wijzigt vanaf 1 januari 2011 aanzienlijk. De werkkostenregeling gaat pas per 2011 in, maar nu al moeten werkgevers gaan nadenken over een nieuw arbeidsvoorwaardenbeleid.
Voor werkgevers die nu al veel vrije vergoedingen verstrekken, leidt de werkkostenregeling tot hogere kosten. Als het werkkostenbudget wordt overschreden, worden zij geconfronteerd met de 80%-eindheffing over het meerdere. Er is een overgangsperiode van 3 jaar ingesteld. Gedurende de jaren 2011, 2012 en 2013 mag een werkgever nog kiezen voor het huidige systeem.
Van Hans Kouters, partner en belastingadviseur bij Blömer, verschijnt hierover binnenkort een artikel, dat vanaf 10 mei a.s. te lezen is in het Ondernemersbelang Utrecht en terug te vinden op onze website op de pagina ‘Downloads' (Publicaties). Houd onze website dus goed in de gaten!
home
KARTELBOETEN NIET AFTREKBAAR
Onlangs deed het Hof Amsterdam uitspraak in twee procedures inzake de aftrekbaarheid van kartelboeten. Het Hof oordeelde, in navolging van een eerdere conclusie van de Advocaat-Generaal, dat kartelboeten niet aftrekbaar zijn. Volgens het Hof is het niet de bedoeling van de wetgever dat mededingingsboeten (NMa-boeten) ten laste van de winst kunnen worden gebracht. Dat een NMa-boete een gemengd karakter heeft, namelijk een voordeelontnemend en een boete deel, is hierbij niet van belang.
Het Hof Amsterdam oordeelde dat dergelijke boeten in het geheel niet aftrekbaar zijn en zag geen reden om de boete te splitsen in een aftrekbaar deel wegens voordeelontneming en een niet aftrekbaar boete deel. Het is nu aan de Hoge Raad om een eindoordeel te vellen. Wij houden u op de hoogte.
home
RUIMERE VOORWAARDEN OMSCHOLINGSBONUS VOOR OVERNEMEN PERSONEEL
Van de omscholingsbonus wordt nu te weinig gebruik gemaakt wegens beperkende regels. Daarom wil demissionair minister Donner (SZW) de scholingsregeling verruimen. Met de omscholingsbonus moeten meer werkgevers gestimuleerd worden om mensen in dienst te nemen, die kort werkloos zijn en wat extra opleiding nodig hebben voor de nieuwe functie.
Ondernemers kunnen rekenen op een subsidie, wanneer zij een werknemer in dienst nemen, die bij een ander overtollig is geworden. Met dat geld kunnen zij de nieuwe werknemer een cursus of vakopleiding laten volgen om zijn nieuwe functie te vervullen.
Nu kan een werkgever de scholingsbonus alleen nog krijgen voor een nieuwe werknemer die maximaal vier weken werkloos is geweest. Deze periode wordt uitgebreid naar drie maanden.
Door te stimuleren dat meer mensen van de ene naar de andere baan doorstromen, hoopt de minister ‘frictiewerkloosheid' tegen te gaan. Doorstroming wordt vaak belemmerd, omdat werklozen niet helemaal de juiste papieren hebben voor beschikbare vacatures.
In de aanpak van de economische crisis is de omscholingsbonus ingesteld om werkgevers die nog wel veel vacatures hebben, te stimuleren om met ontslag bedreigd personeel uit andere sectoren in dienst te nemen. De kosten voor omscholing worden voor de helft vergoed, met een maximum van € 2.500.
home
TOEZEGGING VOOR SOEPELERE TOEPASSING VAN URENCRITERIUM VOOR 2009 EN 2010
Een ondernemer die voldoet aan het urencriterium kan in aanmerking komen voor een aantal fiscale faciliteiten zoals de zelfstandigenaftrek, de fiscale oudedagsreserve, de aftrek voor speur- en ontwikkelingswerk, de meewerkaftrek en (tot en met het jaar 2009) de mkb-winstvrijstelling. Een van de elementen van het urencriterium is dat de ondernemer gedurende het (kalender)jaar ten minste 1225 uur heeft besteed aan werkzaamheden waaruit hij als ondernemer winst geniet. De minister van Financiën zegt toe dat bij de beoordeling van de aannemelijkheid van het aantal bestede uren aan de hiervoor genoemde activiteiten, de inspecteurs voor de jaren 2009 en 2010 in geval van mogelijke twijfel enige soepelheid in acht zullen nemen.
Volgens minister De Jager van Financiën is het denkbaar dat de moeilijkere economische omstandigheden in 2009 en 2010 een verschuiving hebben teweeggebracht van werkzaamheden die een duidelijk verband hebben met ondernemingsactiviteiten naar ‘andere activiteiten'. Bijvoorbeeld; het zelf voeren van de administratie, het aanvragen van vergunningen, het creëren van een website en werkzaamheden die verband houden met acquisitie. Ook al staat het zakelijk karakter van deze activiteiten wel vast, het zal niet altijd duidelijk zijn hoeveel tijd de ondernemer daaraan heeft besteed. De minister heeft op dit punt toegezegd dat de inspecteurs bij de beoordeling van het urencriterium voor de jaren 2009 en 2010 in geval van mogelijke twijfel enige soepelheid in acht nemen.
Voor ondernemers met een gebroken boekjaar gaat het om de in beslag genomen tijd van de boekjaren die in 2009 respectievelijk in 2010 eindigen. De toezegging kan voorkomen dat de economische crisis een ondernemer dubbel zo hard treft.
Het besluit is op 12 maart 2010 in werking getreden.
Naast het urencriterium geldt voor ondernemers nog een ander criterium: het grotendeelscriterium. Dit houdt in dat de 'ondernemingsuren' meer dan de helft bedragen van het totaal aantal uren dat een ondernemer heeft besteed aan de onderneming, een dienstbetrekking (belastbaar loon) en overige arbeid (belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden).
Voor startende ondernemers geldt het grotendeelscriterium echter niet. Zij hoeven slechts de drempel van 1.225 uur te halen. Bovendien komt een starter (onder voorwaarden) in aanmerking voor een verhoging van de zelfstandigenaftrek (€ 2.110 jaar 2010).
home
OOK VERGOEDING HEFFINGSRENTE BIJ AMBTSHALVE VERMINDERING VOORLOPIGE AANSLAG
Hof Den Haag: de Belastingdienst moet in het geval van een ambtshalve vermindering heffingsrente vergoeden in plaats van invorderingsrente. Wij adviseren u daarom bezwaar te (laten) maken tegen een ambtshalve vermindering van een voorlopige aanslag over een tijdvak van vóór 2010.
Stel dat aan u een te hoge voorlopige aanslag wordt opgelegd en u verzoekt de Belastingdienst om de voorlopige aanslag te verminderen. De Belastingdienst heef dan twee mogelijkheden om de voorlopige aanslag te verlagen: door een ambtshalve vermindering of door het opleggen van een nadere voorlopige aanslag. In het eerste geval wordt er invorderingsrente vergoed over de vermindering. In het tweede geval wordt er heffingsrente vergoed over de vermindering.
Het opleggen van een ambtshalve vermindering met vergoeding van invorderingsrente wordt het meest toegepast door de Belastingdienst. Dat is voor hen voordeliger. Het tijdvak waarover invorderingsrente vergoed wordt, vangt namelijk een half jaar later aan dan de termijn waarover heffingsrente wordt vergoed. Hierdoor loopt u over maximaal een half jaar rente mis.
Over dit rentenadeel is meerdere malen geprocedeerd. Het Hof Den Haag heeft onlangs in een geval beslist dat de Belastingdienst ook bij de keuze voor een ambtshalve vermindering heffingsrente moet vergoeden in plaats van invorderingsrente. Vanaf 1 januari 2010 is de wet gewijzigd en zijn de tijdvakken waarover invorderingsrente en heffingsrente worden vergoed gelijkgetrokken. Het probleem is daarmee grotendeels opgelost. Deze wijziging geldt alleen voor belastingaanslagen over tijdvakken die aanvangen vanaf 2010. Wij adviseren u daarom bezwaar te (laten) maken tegen een ambtshalve vermindering van een voorlopige aanslag over een tijdvak van vóór 2010.
home
WERKGEVER BETAALT REKENING IB-AANGIFTE? LOONVOORDEEL BIJ DE WERKNEMER
Op verzoek van hun werkgever laten veel (ingekomen) werknemers hun IB-aangifte verzorgen door een belastingadvieskantoor dat de werkgever heeft aangewezen. Het belastingadvieskantoor stuurt hiervoor een factuur naar de werkgever, die deze kosten doorgaans niet doorbelast aan de werknemer. Volgens de Hoge Raad leidt deze handelwijze tot (loon)voordeel bij de werknemer.
In deze zaak heeft een werkgever nettoloonovereenkomsten gesloten met ingekomen werknemers, op wie de zogenoemde 30%-regeling van toepassing is. Bij nettoloonovereenkomsten heeft de werkgever een direct financieel belang bij de IB-aangifte van de werknemer (inkomstenbelasting/premies volksverzekeringen en inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet). Bij een nettoloonafspraak neemt de werkgever namelijk de verschuldigde belasting voor zijn rekening. Daarom verdedigde de werkgever het standpunt dat de kosten voor het opstellen van de IB-aangifte vanuit een zakelijk oogpunt zijn gemaakt en zou geen sprake zijn van een (loon)voordeel voor de werknemer.
De Hoge Raad verwierp het standpunt van de werkgever. Het indienen van een IB-aangifte is een persoonlijke verplichting van de werknemer. De daaraan gerelateerde kosten horen voor zijn rekening te komen. Als de werkgever de rekening betaalt, verstrekt hij loon aan de werknemer. Niet van belang is, dat de werkgever baat heeft bij de werkzaamheden. Ook is niet van belang dat het deels om werkzaamheden gaat waartoe werknemers niet verplicht zijn, bijvoorbeeld het voeren van correspondentie en vooroverleg met de Belastingdienst t.b.v. de werknemers en het doen van vervolgaangiften bij teruggaven.
Einde discussie, aldus de Hoge Raad. De kosten voor het laten opstellen van de IB-aangifte zijn niet aan te merken als onbelast te vergoeden kosten of als onbelaste verstrekking.
Twee hiermee verband houdende zaken blijven onbeantwoord. In de eerste plaats blijft onduidelijk of de kosten van het opstellen van de IB-aangifte voor de ingekomen werknemer kunnen worden aangemerkt als (onbelaste) extraterritoriale kosten. Daarnaast is onzeker hoe de omvang van het (loon)voordeel moet worden vastgesteld.
Rechtbank Haarlem heeft over deze vraag onlangs geoordeeld dat de waarde van het verzorgen van de IB-aangifte moet worden gesteld op het bedrag van de factuur (inclusief btw) van de belastingadviseur. Het is onzeker of dit oordeel stand zal houden: uit een arrest van de Hoge Raad uit 2006 blijkt namelijk, dat de waarde in het economisch verkeer niet per definitie gelijk is aan het bedrag van de factuur. Met de invoering van de Werkkostenregeling per 1 januari 2011 is deze discussie niet meer relevant. Dan wordt wettelijk geregeld dat de waarde in het economisch verkeer wordt vastgesteld op basis van de factuur.
home
GÉÉN BTW AFTREK BIJ CONTANTE BETALING BENZINEBON
Aftrek van btw door omzetbelastingplichtige ondernemers is alleen mogelijk als deze btw blijkt uit een geldige factuur. De afnemer moet identificeerbaar zijn met de gemaakte kosten. Op een brandstofbon staan de gegevens van de ondernemer / onderneming niet. Deze bon wordt dus door de Belastingdienst niet erkend als een volwaardige factuur.
In de praktijk bestaat nogal eens verwarring over de vooraftrek van de btw op brandstofkosten van de auto van de zaak door omzetbelastingplichtige ondernemers. Uitgangspunt bij de aftrek van btw door omzetbelastingplichtige ondernemers is, dat aftrek alleen mogelijk is als deze btw blijkt uit een volgens de wettelijke eisen opgemaakte factuur. Een van de vereisten is dat de afnemer identificeerbaar moet zijn met de gemaakte kosten. Op een benzinebonnetje staan de gegevens van de ondernemer / onderneming niet. Een benzinebon wordt dus door de Belastingdienst niet erkend als een volwaardige factuur.
Om toch de btw op brandstof te kunnen verrekenen, is vereist dat naam en adres van de afnemer traceerbaar zijn door de wijze van betalen. Volgens de belastingdienst bent u als afnemer traceerbaar als u bijvoorbeeld betaalt met een pintransactie, met een creditcard of met een tankpas.
Betaal dus niet contant, maar zorg dat u traceerbaar bent door elektronisch te betalen. Indien toch een keer contant betaald moet worden, adviseren we om een btw bon op naam te vragen waar btw en het adres van de onderneming op staan vermeld.
home
DOE OUDE ADMINISTRATIE WEG
Elk bedrijf moet een administratie bijhouden van werkzaamheden en financiële gegevens en is verplicht deze te bewaren. Maar niet voor eeuwig. Kijk daarom aan het einde van het jaar wat weg kan. De wettelijke bewaartermijn van boeken, bescheiden en andere gegevensdragers is zeven jaar.
Dat betekent dat u dit jaar uw administratie over 2002 en de voorgaande jaren (grotendeels) kunt vernietigen. De bewaarplicht van zeven jaar geldt voor alle basisgegevens (grootboek, de facturen van debiteuren en crediteuren, de in- en verkoopadministratie, de voorraadgegevens en de loonadministratie) en de overige gegevens die van belang kunnen zijn bij een belastingcontrole, zoals een (elektronische) agenda.
De algemene wettelijke bewaartermijn van zeven jaar is korter dan de btw-herzieningstermijn voor onroerende zaken en rechten waaraan deze zijn onderworpen.
De (al dan niet vrijgestelde) btw-ondernemer blijft daarom verplicht om te bewaren, namelijk alle boeken, bescheiden en andere gegevensdragers of de inhoud daarvan - betreffende onroerende zaken en rechten waaraan onroerende zaken zijn onderworpen - gedurende 9 jaar volgend op het jaar waarin de btw-ondernemer het goed is gaan gebruiken (= de herzieningstermijn).
Facturen blijken nogal eens problemen op te leveren. De fiscus merkt bijvoorbeeld dat een deel van de ondernemers het lastig vindt om zich aan de factureringsverplichting te houden. Als ondernemer voor de omzetbelasting bent u namelijk vrijwel altijd verplicht om een factuur uit te reiken.
Verder bent u in zo'n geval ook verplicht om alle kopieën van de door uzelf, de afnemer of een ander uitgereikte facturen op te slaan.
Kassabonnen zijn steeds vaker al na korte tijd nauwelijks meer leesbaar. Vooral als het bonnen betreft die geprint zijn op zogenoemd thermisch papier gaat de leesbaarheid snel achteruit. Maak daarom kopieën van deze bonnen.
home
19 - 24 APRIL: WEEK VAN HET TESTAMENT
Voor de vierde keer wordt De Week van het Testament in Nederland georganiseerd. Het is een initiatief van meer dan 50 Goede Doelen die samen werken in de Campagne Nalaten. In De Week van het Testament kunt u met korting een testament laten opmaken. Blömer brengt ter gelegenheid van de Week van het Testament een special uit van de nieuwsbrief Uptodate.
De Week van het Testament kent een paar eenvoudige spelregels.
Veel mensen denken regelmatig na over hun nalatenschap, maar hebben nog steeds niet daadwerkelijk een testament op laten stellen. Het kan aantrekkelijk zijn om daarin ook een Goed Doel op te nemen. Zeker omdat Goede Doelen vrijgesteld zijn van successierecht en dus het hele bedrag ten goede komt aan het doel van uw keuze. Omdat Goede Doelen voor de financiering van hun activiteiten mede afhankelijk zijn van inkomsten uit nalatenschappen, hebben zij wederom het initiatief genomen om, in nauwe samenwerking met een grote groep notarissen, De Week van het Testament te organiseren.
home
BLÖMER BIJ HET REGIONAAL ALTERNATIEF: DE REGIONALE ACCOUNTANT, OOK VOOR
NON-PROFIT ORGANISATIES
Overheden en non-profitorganisaties krijgen steeds meer behoefte aan een betere prijs- prestatieverhouding bij de inschakeling van adviseurs bij financiële en organisatorische vraagstukken. Bestuurders en directies willen een hogere kwaliteit van de ondersteuning tegen een lagere prijs. Dit past in het doelmatig en doeltreffend handelen van de eigen organisatie en de toenemende verwachtingen van de burgers. Om voor non-profitorganisaties een aantrekkelijk alternatief te creëren, is het Regionaal Alternatief in het leven geroepen.
Het Regionaal Alternatief is een samenwerkingsverband van vijf middelgrote accountants- en advieskantoren. Blömer accountants en adviseurs behoort tot een van deze kantoren, gericht op de omgeving Utrecht. De andere vier kantoren zijn ESJ Accountants & Belastingadviseurs (Roosendaal), Horwath De Zeeuw & De Keizer (Amstelveen), Joanknecht & Van Zelst (Eindhoven) en de Jong & Laan accountants belastingadviseurs (Vroomshoop). Voor meer informatie over Het Regionaal Alternatief verwijzen wij u naar www.hetregionaalalternatief.nl.
home
TIP: DONDERDAG 15 APRIL IS HET WEER NATIONALE SECRETARESSEDAG!
Disclaimer
Hoewel de informatie op onze website met de grootst mogelijke zorgvuldigheid is samengesteld, aanvaarden wij geen enkele aansprakelijkheid voor de eventuele gevolgen van onjuistheden of onvolledigheid van de vermelde informatie.
Eerdere
Nieuwsberichten
Nieuwsbrief Uptodate augustus 2010
Nieuwsbrief Uptodate juli 2010
High Growth Forum 2010 "Samen naar Beter"
Nieuwsbrief Uptodate juni 2010
IJsselsteinloop 2010
Botterrace De Nees 2010
Nieuwsbrief Uptodate mei 2010
HIGH GROWTH FORUM: Het evenement voor groeiondernemers!
Nieuwsbrief Uptodate: De week van het Testament (EXTRA EDITIE)
Nieuwsbrief Uptodate april 2010
Wesly Dijs winnaar Vikingrace in Heerenveen
Blömer artiestensponsor van De Cultuurnacht Houten
Nieuwsbrief Uptodate februari 2010
Nieuwe vacaturesite Blömer online!
Toetreding Homme Idzerda als partner bij Blömer