
Blömer geeft kaarten weg voor het High Growth Forum: Maandag 7 juni: hét evenement voor groeiondernemers
Besluit uitsluiting aftrek niet in strijd met Europees recht!
Hoogte van het gebruikelijk loon van notaris en advocaat met eigen bv via afroommethode bepaald
Werknemer volgt onderwijs voor verhoging van zijn opleidingsniveau
Vakantiebijslag bij ziekte
Bedrijfskleding was ook privé-kleding
Aswolk: geen loon voor gestrande werknemer
Geen heffingsrente bij terugnemen ongevraagde voorlopige teruggaaf
Meldpunt voor btw-fraude
Elektronische aangifte wordt eenvoudiger voor ondernemers
home
BLÖMER GEEFT KAARTEN WEG VOOR HET HIGH GROWTH FORUM
MAANDAG 7 JUNI: HÉT EVENEMENT VOOR GROEIONDERNEMERS
Porth4Growth organiseert voor het zevende achtereenvolgende jaar een toonaangevend evenement voor groeiondernemers. Actuele ondernemersthema's worden door verschillende sprekers aangesneden. Groei-ondernemers kunnen elkaar ontmoeten en ideeën, ervaringen en visies met elkaar uitwisselen. Naast
presentaties en workshops is er het Growth Café, waarbij Blömer optreedt als een van de facilitators met
als onderwerp:
|
Nieuwe ronde, nieuwe kansen! |
Blömer accountants en adviseurs is verbonden aan dit evenement als ‘gouden partner' en geeft daarom een aantal kaarten weg ad € 495,-.
Voor wie?
Het High Growth Forum is voor ondernemingen met een duidelijke groeiambitie en minimaal 5 fte.
Waar?
Het evenement vindt plaats op maandag 7 juni 2010 in Fort Voordorp te Groenekan.
Hoe?
Wilt u dit toonaangevende evenement niet missen en tevens in aanmerking komen voor één van de gratis kaarten, meldt u zich dan snel aan via bos@blomer.com.
Voor meer informatie of het programma van het High Growth Forum klik hier
home
BESLUIT UITSLUITING AFTREK NIET IN STRIJD MET EUROPEES RECHT!
In onze nieuwsbrieven adviseerden wij de afgelopen jaren om -ter behoud van rechten- bezwaar aan te tekenen tegen (met name) de bijtelling privégebruik auto's voor de btw. Achtergrond van deze bezwaarschriften was de voor het EG Hof lopende procedure over de (on)verbindendheid van het Besluit Uitsluiting Aftrek (BUA) in de btw.
Onder het Besluit Uitsluiting Aftrek (BUA) is onder andere van btw-aftrek uitgesloten ‘het gelegenheid geven tot privévervoer'. Het gaat hierbij onder meer om het ter beschikking stellen van een auto aan een werknemer (of DGA).
Het Europese Hof heeft op 15 april jl. beslist dat het BUA in Nederland niet in strijd is met de Europese richtlijnen en dus in stand kan blijven. De Hoge Raad zal dit oordeel ongetwijfeld volgen, zodat de ter behoud van rechten ingediende bezwaarschriften zullen worden afgewezen.
Prejudiciële vragen aan het Hof
Op 14 november 2008 heeft de Hoge Raad uitspraak gedaan over de BUA-regeling. De Hoge Raad oordeelde dat de regeling voor loon in natura in het algemeen strijdig is met het EG-recht. Voor een specifiek onderdeel (het privégebruik van de auto van de zaak) vond de Hoge Raad de situatie onduidelijk. Daarom heeft hij hierover vragen gesteld aan het HvJ. In de tussentijd heeft ook Hof Amsterdam, in navolging van de Hoge Raad, op 11 februari 2009 enkele vragen gesteld over het BUA. Het HvJ heeft vervolgens besloten beide zaken samen te behandelen.
Conclusie advocaat-generaal
Op donderdag 28 januari 2010 heeft advocaat-generaal (A-G) Mengozzi van het HvJ conclusie genomen in beide gevoegde zaken. Na een analyse van de indertijd geldende Tweede en later Zesde richtlijn (voorlopers van de huidige BTW-richtlijn) komt Mengozzi tot de conclusie dat de systematiek die gold voor de invoering van de Tweede en Zesde richtlijn voor de correctie voor privégebruik nog steeds van toepassing is, omdat nog geen geharmoniseerd systeem bestaat voor btw-aftrek bij privégebruik. Een van de voorwaarden voor toepassing van de systematiek uit de Zesde richtlijn is dat er een systeem komt voor de uit te sluiten categorieën. Dit is tot op heden niet gebeurd.
Daarna gaat Mengozzi in op de vraag of de genoemde onderdelen specifiek genoeg zijn bepaald, omdat dit een voorwaarde is om de regeling toe te passen. Hij komt tot de conclusie dat dit zo is voor de volgende categorieën:
Aan de voorwaarde is niet voldaan bij de volgende twee categorieën:
Uitspraak Hof
Het Hof van Justitie (HvJ) beslist dat art. 11, vierde lid, Tweede btw-richtlijn en art. 17, zesde lid, Zesde btw-richtlijn niet in de weg staan aan een belastingregeling van een lidstaat waarbij de btw-aftrek van de belasting over de toegevoegde waarde op de categorieën van uitgaven voor, enerzijds, het verstrekken van "privévervoer", "spijzen", "dranken", "huisvesting" en "het geven van gelegenheid tot ontspanning" aan de personeelsleden van de belastingplichtige en, anderzijds, het verstrekken van "relatiegeschenken" of "andere giften", is uitgesloten. Verder beslist het HvJ nog dat art. 17, zesde lid, Zesde btw-richtlijn niet in de weg staat aan een nationale regeling, die vóór de inwerkingtreding van die richtlijn is vastgesteld en op grond waarvan een belastingplichtige de btw die is betaald bij de aanschaf van bepaalde goederen en diensten die gedeeltelijk voor privédoeleinden en gedeeltelijk voor bedrijfsdoeleinden worden gebruikt, niet volledig doch slechts naar verhouding van het gebruik voor bedrijfsdoeleinden in aftrek kan brengen.
home
HOOGTE VAN HET GEBRUIKELIJK LOON VAN NOTARIS EN ADVOCAAT MET EIGEN BV VIA AFROOMMETHODE BEPAALD
De afroommethode gaat uit van de opbrengsten van de bv en vermindert die met de aan de opbrengsten toe te rekenen kosten, lasten en afschrijvingen. 70% van het resterende saldo wordt aangemerkt als gebruikelijk loon. De afroommethode is toepasbaar als de opbrengsten van de bv bijna geheel afhankelijk zijn van de werkzaamheden van de dga.
De hoogte van het gebruikelijke loon voor de directeur-grootaandeelhouder (dga) vormt steeds meer een bron van discussie met de Belastingdienst. Een dga moet voor de loonbelasting minstens een gebruikelijk salaris opnemen uit zijn eigen bv. Over 2010 is het minimaal op te nemen gebruikelijk loon € 41.000. In bepaalde gevallen mag een lager salaris worden opgenomen, bijvoorbeeld bij parttime werken of structurele verliezen. Maar in andere gevallen moet juist een hoger bedrag in aanmerking worden genomen. Eén van de methoden die de Belastingdienst hierbij hanteert, is de zogenaamde afroommethode. Deze methode gaat uit van de opbrengsten van de bv en vermindert die met de aan de opbrengsten toe te rekenen kosten (exclusief het loon van de dga), lasten en afschrijvingen. Van het verschil wordt 70% aangemerkt als gebruikelijk loon.
De afroommethode is volgens de jurisprudentie toepasbaar als de opbrengsten van de bv bijna geheel afhankelijk zijn van de werkzaamheden van de dga. De Hoge Raad heeft in een arrest van 17 september 2004 deze methode voor het eerst toegepast.
In een uitspraak van Rechtbank Leeuwarden van 25 maart 2010 was een advocaat toegetreden tot de advocatenmaatschap X. Deze maatschap gaat een samenwerkingsverband met notarissenmaatschap IJ aan onder de naam X & IJ. Per 1 januari 1999 had de advocaat zijn maatschapsaandeel geruisloos ingebracht in een persoonlijke holding. De onderneming is vervolgens binnen de fiscale eenheid uitgezakt naar een werk bv. De advocaat houdt dus de aandelen van de holding, die weer alle aandelen in de werk-bv houdt.
De advocaat is in dienst van de werk-bv. Rechtbank Leeuwarden beslist dat de hoogte van het gebruikelijk loon volgens het arrest van de Hoge Raad van 17 september 2004, nr. 38 378 (BNB 2005/50) kan worden bepaald volgens de afroommethode. Daarbij moet worden gekeken naar de subjectieve onderneming van de vennootschap waarin de advocaat arbeid verricht en niet naar de objectieve onderneming van de advocatenmaatschap, waarvan de vennootschap maat is. Opvallend is dat de rechtbank geen rekening houdt met het feit, dat het winstaandeel van de advocaat mede voortvloeit uit de werkzaamheden van de overige vennoten, het personeel van de maatschap en mede een vergoeding vormt voor de goodwill.
Ook een beroep op het feit, dat sprake is van een anti-misbruikbepaling (het ging bij de invoering eigenlijk om een maatregel tegen zogenaamde nul-inkomens) wordt afgewezen.
Het gebruikelijk loon werd volgens de volgende formule bepaald:
| Winstaandeel maatschap | 180.000 |
| Overige baten en lasten (exclusief loon) | 12.000 |
| Pensioenlasten | -13.000 |
| Netto opbrengsten BV | 179.000 |
| Gebruikelijk loon 70% | 125.300 |
De inspecteur had een bedrag van € 102.000 aangehouden, waardoor de aanslag werd gehandhaafd.
Rechtbank Arnhem deed op 17 november 2009 een uitspraak over het gebruikelijk loon van een notaris. Een notaris was enig werknemer en via een persoonlijke holding enig aandeelhouder van een bv, die in 2003 en 2004 een notarispraktijk in maatschapverband dreef met een andere notaris. In de maatschap waren nog veertien andere personen werkzaam. Ook in dit geval paste de inspecteur de afroommethode toe en kwam uit op een gebruikelijk loon van ongeveer 45% van de brutowinst voor personeelskosten (er waren blijkbaar ook andere opbrengsten naast het winstaandeel).
De notaris stelde onder meer dat de opbrengsten van de bv niet nagenoeg geheel voortvloeiden
uit zijn werkzaamheden, maar ook uit werkzaamheden van de andere medewerkers van de maatschap. De rechtbank wees dit af en ging akkoord met de toepassing van de afroommethode, omdat de opbrengsten van de bv (nagenoeg) geheel voortvloeiden uit de door de notaris in zijn hoedanigheid van werknemer van de bv verrichte arbeid.
Het is te verwachten dat de Belastingdienst mede op basis van deze uitspraken het gebruikelijk loon van vrijeberoepsbeoefenaren zoals medisch specialisten, advocaten en notarissen steeds meer ter discussie zal stellen.
home
WERKNEMER VOLGT ONDERWIJS VOOR VERHOGING VAN ZIJN OPLEIDINGSNIVEAU
Met ingang van 1 januari 2010 is er een nieuwe afdrachtvermindering onderwijs: de afdrachtvermindering voor verhoging van het opleidingsniveau van de werknemer.
Let op! Deze afdrachtvermindering geldt voor 1 jaar en vervalt per 1 januari 2011.
U heeft recht op deze afdrachtvermindering als u aan de volgende 6 voorwaarden voldoet:
Administratieve verplichtingen
U moet het bewijs van inschrijving bij uw loonadministratie bewaren.
In het bewijs van inschrijving moeten tenminste zijn opgenomen:
Ook moet u bij uw loonadministratie een bewijs bewaren van het opleidingsniveau dat uw werknemer bij de start van de opleiding heeft.
Hoogte afdrachtvermindering
De afdrachtvermindering onderwijs voor verhoging van het opleidingsniveau is € 500 per werknemer.
Duur afdrachtvermindering
U mag deze afdrachtvermindering per werknemer maar eenmaal gebruiken. U brengt de afdrachtvermindering in 1 keer in z'n geheel in mindering in het loontijdvak, waarin uw werknemer met de opleiding begint of in het daaropvolgende tijdvak. Als uw werknemer in 2010 overstapt naar een andere opleiding mag u de afdrachtvermindering niet nog een keer toepassen. Als uw werknemer in december 2010 start met zijn opleiding, mag u de afdrachtvermindering in december 2010 of in januari 2011 toepassen.
Samenloop met andere afdrachtverminderingen
U kunt de afdrachtvermindering voor deze opleidingen uitsluitend combineren met de afdrachtvermindering onderwijs voor het ervaringscertificaat (EVC).
home
VAKANTIEBIJSLAG BIJ ZIEKTE
Vakantiebijslag bedraagt tenminste 8 procent van het loon over de periode 1 juni tot en met 31 mei. Die 8 procent wordt berekend over het loon dat de werkgever tijdens deze periode daadwerkelijk heeft uitgekeerd.
Is dat bedrag bijvoorbeeld door langdurige ziekte geen 100 procent van het oorspronkelijk overeengekomen salaris meer dan geldt dus het lagere daadwerkelijk uitgekeerde bedrag als uitgangspunt. Stel dat een van de werknemers ruim anderhalf jaar ziek is. Tijdens het tweede ziektejaar krijgt deze 70 procent van het salaris uitgetaald. De vakantiebijslag moet worden berekend over deze 70 procent en niet over het volledige, oorspronkelijke salaris.
Als een werknemer wegens WAO-instroom maar een gedeelte van de periode 1 juni tot 31 mei recht had op salaris geldt het zelfde. Ook dan wordt alleen vakantiebijslag berekend over datgene wat de werknemer nog wel heeft ontvangen. In het eerste ziektejaar moet de werkgever er wel rekening mee houden dat loon en vakantiebijslag samen tenminste 108 procent van het minimumloon moeten bedragen. Komt de werknemer lager uit, dan heeft hij recht op aanvulling tot dat bedrag. In het tweede ziektejaar geldt deze regel niet.
home
BEDRIJFSKLEDING WAS OOK PRIVÉKLEDING
Kleding die ook privé kan worden gedragen, kan niet zomaar onbelast worden verstrekt. Het verstrekken van de kleding was daarom loon in natura. Belastingheffing tegen de waarde in het economisch verkeer.
Onlangs deed de Hoge Raad weer een belangrijke uitspraak over bedrijfskleding. Werknemers van een dameskledingzaak waren verplicht tijdens werktijd in kleding te lopen die in de winkel werd verkocht. Aankoop geschiedde met een korting van 60% en na goedkeuring door de bedrijfsleider e.e.a. conform de filiaalhandleiding. De kleding bevatte geen logo's en was daarom geen werkkleding. De werkgever hield geen loonheffingen hierover in.
Volgens de inspecteur was sprake was van een verstrekking die tot het loon moest worden gerekend en hij legde naheffingsaanslagen op, rekening houdend met de regeling voor producten uit eigen bedrijf. Voor de waarde van de kleding ging hij uit van de waarde in het economisch verkeer.
De werkgever ging tegen de naheffingsaanslagen in beroep en de zaak kwam uiteindelijk bij de Hoge Raad. Deze oordeelde dat het inderdaad niet om werkkleding ging (geen logo's), zodat de kleding ook geschikt was om buiten werktijd te dragen. De kleding werd bovendien eigendom van de werknemers. Het privé-element overheerste, er kon geen sprake zijn van een belastingvrije verstrekking. De kleding werd immers niet verstrekt ‘ter voorkoming van kosten voor een behoorlijke vervulling van de dienstbetrekking'. Het verstrekken van de kleding was daarom loon in natura.
Volgens de Hoge Raad had de inspecteur de kleding terecht tegen de waarde in het economisch verkeer gewaardeerd, de gehele naheffingsaanslag bleef dan ook in stand.
TIP: In deze zaak kon de regeling voor producten uit eigen bedrijf worden toegepast, waarbij een korting of vergoeding bij de aankoop van producten uit eigen bedrijf onder voorwaarden belastingvrij blijft. De vrijstelling bedraagt maximaal € 500 en kan worden verhoogd met het vrijstellingsbedrag dat de werknemer in de voorgaande twee kalenderjaren niet heeft gebruikt.
home
ASWOLK: GEEN LOON VOOR GESTRANDE WERKNEMER
Hoofdprincipe in het arbeidsrecht is dat een werkgever geen loon hoeft te betalen als daar geen prestatie tegenover staat. Een werknemer die door de aswolk niet op tijd terug is van vakantie, moet extra verlofdagen opnemen of genoegen nemen met minder loon.
Een werknemer die in het buitenland is gestrand en pas dagen later thuiskomt, moet vakantiedagen opnemen of krijgt geen loon uitbetaald over deze dagen. Dat ligt anders wanneer de werknemer op zakenreis is. Dan draagt de werkgever het risico. Het onderscheid wordt bepaald door het zakelijk of privékarakter van de reis.
Toch heeft de Hoge Raad ooit uitgesproken dat een ramp ook kan worden gezien als een 'Act of God', waarbij werknemers wel recht op doorbetaling van loon zouden hebben. Een werknemer heeft een inspanningsverplichting om op zijn werk te verschijnen, maar men kan niet zeggen dat de werkgever altijd loon moet doorbetalen en ook niet dat het risico altijd bij de werknemer ligt. De specifieke omstandigheden van het geval, zullen uiteindelijk de doorslag moeten geven.
home
GEEN HEFFINGSRENTE BIJ TERUGNEMEN ONGEVRAAGDE VOORLOPIGE TERUGGAAF
Hof Arnhem heeft in een feitelijke procedure beslist, dat de inspecteur geen € 386 heffingsrente in rekening mocht brengen bij het terugnemen van een ongevraagde voorlopige teruggaaf inkomstenbelasting. Uit de feiten en omstandigheden leidde het hof af dat de inspecteur was afgeweken van het wettelijk systeem en dat hij daarmee bewust het risico had genomen dat een voorlopige teruggaaf ten onrechte of tot een veel te hoog bedrag zou worden vastgesteld. Het hof was van oordeel dat het aan de inspecteur was te wijten dat de vrouw bij de definitieve aanslag een aanzienlijk bedrag aan belasting verschuldigd was geworden. Onder deze omstandigheden verzet het zorgvuldigheidsbeginsel zich ertegen dat heffingsrente in rekening wordt gebracht. De inspecteur kon zich in dit oordeel wel vinden. Het hof verklaarde daarop het hoger beroep van de vrouw gegrond wat betreft de beschikking heffingsrente.
Een vrouw en haar echtgenoot waren beiden zelfstandig ondernemers. Voor 2005 hadden beiden aangifte gedaan d.m.v. digitale aangifte. Het aangifteprogramma van de Belastingdienst berekende op basis van gegevens van de vrouw de verschuldigde inkomstenbelasting op negatief € 4.664: € 1 aan inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (box 1) minus € 4.665 aan heffingskortingen.
Naast de mededeling: "U kunt geen rechten aan deze berekening ontlenen" en aanvullende informatie over o.a. de uitbetaling van de voorlopige teruggaaf werd tevens aangegeven dat een voorlopige teruggaaf in voorkomende gevallen weer bij de definitieve aanslag moet worden terugbetaald.
De inspecteur verleende op eigen initiatief een voorlopige teruggaaf aan de vrouw en legde een jaar later de definitieve aanslag op conform de belastingaangifte. De aanslag leidde tot het terugnemen van het gehele bedrag aan voorlopige teruggaaf plus € 386 aan heffingsrente.
De vrouw meende erop te mogen vertrouwen dat de definitieve aanslag zou worden vastgesteld met inachtneming van € 4.665 aan heffingskortingen zodat, na verrekening van de voorlopige aanslag, geen belasting meer verschuldigd zou zijn. Rechtbank Arnhem stelde de vrouw echter in het ongelijk.
Hof Arnhem vatte in hoger beroep de grieven van de vrouw zodanig op, conform een arrest van de Hoge Raad van 27 november 2009, dat een bezwaar tegen een belastingaanslag in beginsel ook een bezwaar tegen de heffingsrente inhoudt. In een arrest uit 2001 (en nog eens in 2009) had de Hoge Raad aangegeven dat het zorgvuldigheidsbeginsel onder omstandigheden kan meebrengen, dat geen heffingsrente in rekening mag worden gebracht of dat de berekening van deze rente moet worden beperkt.
Volgens het hof hadden de vrouw en haar echtgenoot correct en naar juiste bedragen aangifte gedaan. Op grond van de wet kwam de vrouw niet in aanmerking van de uitbetaling van de heffingskorting. Toch had de inspecteur deze ongevraagd bij voorlopige teruggaaf aan de vrouw uitbetaald. Daarmee had de inspecteur niet de vereiste zorgvuldigheid in acht genomen en bewust het risico genomen dat een voorlopige teruggaaf ten onrechte of tot een veel te hoog bedrag zou worden vastgesteld. Het was aan de inspecteur was te wijten dat de vrouw bij de definitieve aanslag een aanzienlijk bedrag aan belasting verschuldigd was geworden. Het zorgvuldigheidsbeginsel verzet zich ertegen dat heffingsrente in rekening wordt gebracht. Het hof verklaarde daarop het hoger beroep van de vrouw gegrond wat betreft de beschikking heffingsrente.
Het hof ging niet mee met de stelling dat sprake zou zijn van een fout in het aangifteprogramma of dat de vrouw schade zou hebben geleden.
home
MELDPUNT VOOR BTW-FRAUDE
De Belastingtelefoon voor ondernemers krijgt een meldpunt voor fraude met btw. Het meldpunt is een vervolg op maatregelen die demissionair minister Jan Kees de Jager van Financiën eerder nam om de fraude te stoppen.
Btw-fraude beslaat ongeveer 12 procent van de inkomsten die de belastingdiensten theoretisch aan btw hadden moeten ontvangen en kostte de EU-landen in een periode van zeven jaar in totaal tussen 90 en 113 miljard euro. In Nederland liep de schatkist slechts 3 procent van de btw-inkomsten mis door fraude en behoort daarmee tot de landen met de minste schade (1,4 miljard euro in 2006).
Belastingdienst en de FIOD jagen harder op fraudeurs. Dat leverde in 2009 voor ruim 28 miljoen aan naheffingsaanslagen op.
home
ELEKTRONISCHE AANGIFTE WORDT EENVOUDIGER VOOR ONDERNEMERS
De elektronische aangifte voor winst- en inkomstenbelasting wordt eenvoudiger voor ondernemers. Demissionair minister Jan Kees de Jager (Financiën) heeft dat eind april bekendgemaakt.
In de aangifte over 2010 moet de helft minder gegevens worden ingevuld. Zo hoeven ondernemers niet meer de gegevens van de commerciële jaarrekening in hun aangifte op te nemen. Dit betekent dat ze informatie over de inventaris, voorraadwaardering en onderhandse leningen niet meer hoeven in te vullen. Dit scheelt een ondernemer veel tijd en geld.
home
Disclaimer
Hoewel de informatie op onze website met de grootst mogelijke zorgvuldigheid is samengesteld, aanvaarden wij geen enkele aansprakelijkheid voor de eventuele gevolgen van onjuistheden of onvolledigheid van de vermelde informatie.
Eerdere
Nieuwsberichten
Nieuwsbrief Uptodate augustus 2010
Nieuwsbrief Uptodate juli 2010
High Growth Forum 2010 "Samen naar Beter"
Nieuwsbrief Uptodate juni 2010
IJsselsteinloop 2010
Botterrace De Nees 2010
Nieuwsbrief Uptodate mei 2010
HIGH GROWTH FORUM: Het evenement voor groeiondernemers!
Nieuwsbrief Uptodate: De week van het Testament (EXTRA EDITIE)
Nieuwsbrief Uptodate april 2010
Wesly Dijs winnaar Vikingrace in Heerenveen
Blömer artiestensponsor van De Cultuurnacht Houten
Nieuwsbrief Uptodate februari 2010
Nieuwe vacaturesite Blömer online!
Toetreding Homme Idzerda als partner bij Blömer